KC 2025/023
Klager klaagt dat hij sinds zijn plaatsing in de kliniek op 20 augustus 2025 niet tijdig de voorgeschreven Hibiscrub heeft ontvangen, essentieel voor de verzorging van zijn kwetsbare huid na meerdere amputaties. Hoewel Betadine en Dettol wel snel werden geleverd, ontbrak de Hibiscrub tot 12 september 2025 vanwege leveringsproblemen. De kliniek bestelde de middelen via de apotheek, maar gaf aan dat de Hibiscrub tijdelijk niet leverbaar was en bood als alternatief alleen schoonmaakdoekjes aan, die niet geschikt bleken. De beklagcommissie oordeelt dat door het niet leveren van het voorgeschreven medisch middel en onvoldoende inspanning te leveren om al dan niet via een andere apotheek of een ander leveringskanaal de Hibiscrub te verkrijgen of een deugdelijk alternatief aan te bieden, sprake is van het niet betrachten van de zorgplicht, waardoor klager ontvankelijk is in zijn beklag. Het beklag wordt bovendien gegrond verklaard, onder toekenning van een tegemoetkoming van €35,-.
DE BEKLAGCOMMISSIE UIT DE COMMISSIE VAN TOEZICHT BIJ DE VAN DER HOEVEN KLINIEK TE UTRECHT
Beslissing van de beklagcommissie uit de commissie van toezicht bij de Van der Hoeven Kliniek, inzake het klaagschrift van:
[…], verder te noemen klager.
Het klaagschrift is gericht tegen een schending van de medische zorgplicht door het niet verstrekken van Hibiscrub.
Het hoofd van de inrichting heeft schriftelijk gereageerd en klager heeft van deze reactie kennis kunnen nemen.
De klacht is behandeld ter zitting van 1 oktober 2025 in het bijzijn van klager, zijn rechtsbijstandverlener mw. mr. K. el Ouali als vervanger van mr. V.S.J. Chorus, het plaatsvervangend hoofd van de inrichting […] en de juridisch medewerker […].
De beklagcommissie heeft kennisgenomen van de volgende informatie:
- Klaagschrift van 2 september 2025, door de beklagcommissie ontvangen op 2 september 2025;
- Reactie van de kliniek op het klaagschrift van 25 september 2025;
- Hetgeen op de zitting van 1 oktober 2025 is besproken.
De beoordeling
Wettelijk kader
Artikel 41 lid 4 Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden (Bvt) 4 bepaalt dat het hoofd van de instelling zorg draagt zorg voor onder andere de verstrekking van de door een aan de instelling verbonden arts voorgeschreven medicijnen en diëten.
Artikel 56 lid 4 Bvt bepaalt dat de wijze waarop een zorgplicht wordt betracht niet beklagwaardig is.
Standpunt klager
Voor het standpunt van klager wordt verwezen naar de klacht, welke kort gezegd inhoudt dat er sprake is van een schending van de medische zorgplicht, nu er geen levering plaatsvindt van de Hibiscrub, wat een noodzakelijk onderdeel is van zijn dagelijkse hygiënische bescherming. Dit wordt reeds jarenlang voorgeschreven door medisch specialisten ter preventie en bescherming van de kwetsbare huidgebieden nadat als gevolg van een ernstige bacteriële infectie meerdere amputaties hebben plaatsgevonden, te weten zijn rechter wijsvinger, het rechteronderbeen en de tenen van zijn linkerbeen. Ter zitting heeft klager hier het volgende aan toegevoegd.
Klager heeft gelijk tijdens de intake in de PI aangegeven dat hij deze producten nodig heeft, zodat het klaar kon liggen als hij binnenkwam in de kliniek. Hij heeft de producten ook meegenomen vanuit de PI naar de kliniek, maar die mochten niet mee naar binnen en moest hij weggooien. Het heeft heel lang geduurd voordat hij de Hibiscrub heeft gekregen. Hij doet ongeveer twee weken met een flesje. Het is nu weer op en hij wacht alweer 1,5 week op een nieuw flesje. Klager gebruikt de Dettol voor zijn prothese en de Betadine voor het schoonmaken van zijn handen voordat hij aan de wonden komt. De Hibiscrub heeft hij nodig voor zijn been en de lijm van zijn prothese. Klager gebruikt dit al zijn hele leven, en accepteert het niet dat de kliniek hem zonder laat zitten. Klager krijgt het op recept, maar het is ook verkrijgbaar zonder recept. De medische dienst had gezegd dat er geen alternatief was voor de Hibiscrub. Klager heeft van de civiele dienst schoonmaakdoekjes gekregen. Daar zit echter niet het vettige laagje op.
De raadsvrouw heeft aangegeven dat de Hibiscrub noodzakelijk is ter voorkoming van verdere infecties en aan klager wordt voorgeschreven door de revalidatiearts. Er is geen alternatief middel dat hiervoor gebruikt kan worden. De Hibiscrub is ook te bestellen op verschillende websites, dus dit had als deugdelijk alternatief voor de apotheek gedaan kunnen en moeten worden.
Standpunt kliniek
Voor het standpunt van de directie wordt verwezen naar het verweerschrift, welke kort gezegd inhoudt dat de Betadine, Dettol en Hibiscrub waren besteld voor klager, maar nog niet binnen waren gekomen op 20 augustus 2025. Op 22 augustus 2025 heeft hij de Betadine gekregen en op 25 augustus de Dettol. De Hibiscrub was helaas niet leverbaar en is pas op 12 september 2025 geleverd en in eigen beheer gegeven van klager. Ter zitting heeft de directie hier het volgende aan toegevoegd.
De bestelling van de door klager benodigde producten was al gedaan, maar deze waren helaas nog niet binnen op 20 augustus 2025 toen klager binnenkwam in de kliniek omdat deze niet leverbaar waren. Klager had open verpakkingen meegenomen vanuit de vorige instelling, maar dat is oncontroleerbaar en mag dus niet mee naar binnen worden genomen. Die producten moesten worden weggegooid. Alle medicatie of producten op recept worden besteld via de apotheek. Er zal met het team worden besproken dat het handig is om meerdere flesjes tegelijk te bestellen, zodat er een voorraad is en dit niet meer hoeft te gebeuren.
Vaststelling en beoordeling
De beklagcommissie stelt vast dat klager op 20 augustus 2025 binnen is gekomen in de kliniek. De middelen die klager gebruikt voor verzorging van zijn huid, Betadine, Dettol en Hibiscrub, waren op dat moment niet beschikbaar voor klager. De Betadine is geleverd op 22 augustus 2025 en de Dettol op 25 augustus 2025. De Hibiscrub was echter niet leverbaar, en is pas op 12 september geleverd. Er is in de tussentijd geen alternatief beschikbaar geweest voor klager.
De beklagcommissie overweegt als volgt.
Klager krijgt de middelen Betadine, Dettol en Hibiscrub op recept en heeft deze nodig voor verzorging van zijn wonden en prothese. Dit is noodzakelijk ter preventie en bescherming van de kwetsbare huidgebieden als gevolg van een ernstige bacteriële infectie die geleid heeft tot amputatie van zijn linker wijsvinger, zijn rechteronderbeen en de tenen van zijn linkerbeen. De Betadine en Dettol zijn wel redelijk snel na binnenkomst geleverd. Klager klaagt dan ook alleen over het te laat leveren van de Hibiscrub.
In beginsel is de wijze waarop de zorgplicht wordt betracht niet beklagwaardig en kan er alleen geklaagd worden over het in het geheel niet uitvoeren van de zorgplicht. In dit geval was de Hibiscrub wel besteld door de kliniek, maar kon het niet geleverd worden, waardoor klager van 20 augustus 2025 tot 12 september 2025 geen beschikking heeft gehad over dit middel. Het is begrijpelijk dat medicatie en middelen op recept via de apotheek worden besteld. Wanneer echter duidelijk wordt dat het niet leverbaar is, geldt er op grond van de medische zorgplicht een inspanningsverplichting voor de kliniek om ervoor te zorgen dat klager wel beschikking kan krijgen over dit middel, in dit geval Hibiscrub, of een deugdelijk alternatief. Er is door de medische dienst geen alternatief gezocht of aangeboden, terwijl er mogelijkheden blijken zijn om de Hibiscrub elders te bestellen. De schoonmaakdoekjes die zijn aangeboden door de civiele dienst, zijn geen deugdelijk alternatief voor de Hibiscrub want zijn niet bedoeld voor de verzorging van de huid en de prothese en bleken in de praktijk ook niet passend. De beklagcommissie is dan ook van oordeel dat door de kliniek niet voldoende inspanning is geleverd om de situatie op te lossen, te meer nu duidelijk is geworden dat het leveringsprobleem op dit moment weer speelt. Door het niet leveren van het voorgeschreven medisch middel, en onvoldoende inspanning te leveren om al dan niet via een andere apotheek of een ander leveringskanaal, de Hibiscrub te verkrijgen of een deugdelijk alternatief aan te bieden, is de beklagcommissie van oordeel dat er sprake is van het niet betrachten van de zorgplicht, waardoor klager ontvankelijk is in zijn beklag. Het beklag dient tevens gegrond te worden verklaard.
De beklagcommissie stelt een tegemoetkoming vast van € 35,- voor het door klager geleden ongemak.
BESLISSING
De beklagcommissie verklaart het beklag gegrond en stelt een tegemoetkoming vast van € 35,-.
Aldus gedaan door dr. mr. J.R. Niemantsverdriet, voorzitter van de beklagcommissie, mr. A.M.R. van Ginneken en dr. B. Koevoet, leden van de beklagcommissie, bijgestaan door mr. S.E. Braam-van Toll, secretaris en ondertekend door de voorzitter en de secretaris, op 29 oktober 2025.