Opnieuw zoeken

Sla inhoud over

KC 2010/011

Datum uitspraak:
14/01/2010
Artikel:
56 en 57 BVT en de Kliniekregels
Samenvatting:
De klacht is er tegen gericht dat na klagers overplaatsing zijn reeds geplande verlof geen doorgang heeft kunnen vinden, daarnaast beklaagt hij zich over de aangekondigde maatregel om de persoonlijke computers van de kamers weg te laten halen. FPC A beschikte over een verlofmachtiging tav klager, bij overplaatsing vervalt deze machtiging van rechtswege. Persoonlijke computers zijn slechts toegestaan na verleende toestemming. I.c. is deze toestemming verleend, doch heeft de inrichting besloten tot een beleidswijziging. T.a.v. beide onderdelen is klager n-o in zijn beklag.
Uitspraak:

DE BEKLAGCOMMISSIE UIT DE COMMISSIE VAN TOEZICHT BIJ FORENSISCH PSYCHIATRISCH CENTRUM […], […]

De beklagcommissie heeft kennis genomen van een op 25 november 2009 bij het secretariaat ingekomen klaagschrift van:

Klager, verder te noemen klager,

Het klaagschrift, gedateerd 24 november 2009, is gericht tegen:
1. het feit dat klager na zijn overplaatsing vanuit FPC A naar FPC B het eerder toegezegde verlof niet gerealiseerd kon krijgen;
2. (weergave klacht, zoals ter zitting door klager gewijzigd) de aangekondigde maatregel om de persoonlijke computers van de patiënten van de kamers weg te halen met ingang van het moment dat er afdelingscomputers komen.

De directeur heeft schriftelijk op de klacht gereageerd. Klager heeft van deze reactie kennis kunnen nemen.

De klacht is behandeld ter zitting van 04 januari 2010 in bijzijn van klager en mevr. […], juridisch medewerker en mevr. […], hoofd behandeling Hof 2.

Het standpunt van klager
Ten aanzien van 1.
Klager stelt dat hij in FPC A reeds in juni en juli op begeleid verlof is geweest. Hem zou zijn verzekerd dat dit verlof een vervolg zou krijgen in FPC B. In het ongunstigste geval zou een verkorte verlofaanvraag procedure gestart worden. Beide beloften zijn niet nagekomen. De aanvraag ligt sinds juli 2009 stil en pas in december 2009 is de aanvraag de deur uit gegaan. Klager verwacht niet voor maart of april 2010 een beslissing te hebben op zijn verlofaanvraag. Hoewel klager zelf heeft ingestemd met zijn overplaatsing naar […], zou hij niet zijn geïnformeerd over de consequentie daarvan voor zijn verlofstatus.
Ter zitting voegt klager er aan toe dat men van te voren op de hoogte was van zijn overplaatsing naar FPC B en dat derhalve zijn verlofaanvraag veel eerder had kunnen worden verzonden. Als hij dit van te voren had geweten had hij niet ingestemd met zijn overplaatsing. Klager deelt dan ook mede tegen deze overplaatsing in beroep te zijn.

Ten aanzien van 2.
Klager stelt dat door de directie is toegezegd dat hij een computer op zijn kamer mag hebben. Nu is er bepaald dat er afdelingscomputers komen. Zodra die er zijn moet de eigen computers van de kamer af, waartegen klager zich, gezien de eerdere toezegging, maar ook gezien de maatregelen die genomen zijn om de eigen computers veilig te maken, verzet.
Ter zitting voegt klager hier aan toe dat hij een persoonlijke computer, anders dan een afdelingscomputer, voor hem meer leerzaam acht, nu hij immers ook in de buitenwereld met een eigen computer moet leren omgaan.

Het standpunt van de directie
Ten aanzien van 1.
De bestuurder van FPC A beschikte over een machtiging om klager begeleid verlof te verlenen. Uit informatie van FPC A blijkt dat klager ervan op de hoogte was dat het verlofkader niet meegenomen kon worden naar een andere instelling. Bij overplaatsing komt de verlofmachtiging van rechtswege te vervallen. In september 2009 heeft een gesprek plaatsgevonden met klager, waarbij het onderwerp verlof aan de orde is gekomen. Klager is toen toegezegd dat het verlof na een gewenningsperiode en bij goed verloop aangevraagd zou worden. Inmiddels is de verlofaanvraag geschreven en behandeld door de interne verlofadviescommissie d.d. 07 december 2009. De verwachting is dat deze aanvraag volgende week verstuurd kan worden naar het Ministerie van Justitie.
Ter zitting voegt mevr. […] hier aan toe dat na een overplaatsing, waarbij de verlofstatus van rechtswege komt te vervallen, altijd eerst een observatie plaatsvindt en een eigen oordeel door de inrichting wordt gevormd alvorens de aanvraag wordt verzonden. Dat traject is nu reeds achter de rug en dat is relatief snel gegaan. Het zal wel nog minimaal 8 weken duren voordat klager zijn verlof krijgt.
Mevr. […] voegt toe dat het ook de wens vanuit FPC B is om klager zo spoedig mogelijk op verlof te krijgen.

Ten aanzien van 2.
De kliniekregeling schrijft voor dat een patiënt in beginsel geen eigen computer op zijn kamer mag hebben, tenzij hiervoor toestemming is verleend. Die toestemming is verleend, maar er is nu besloten een nieuw beleid te starten waarbij enkel nog sprake zal zijn van afdelingscomputers. Er is gekozen voor dit beleid om een beter toezicht op het computergebruik mogelijk te maken.
Per afdeling zullen er 3 computers geplaatst worden. Dat betekent 1 computer per 5 patiënten, waarop iedere patiënt zijn eigen account krijgt. Het leren omgaan met de computers zal hierdoor niet in de knel komen.
Voor de patiënten die op dit moment een eigen computer op hun kamer hebben staan wordt nog gezocht naar een passende oplossing, waarbij ook valt te denken aan een financiële compensatie.

De beoordeling
Voorop wordt gesteld dat de beklagcommissie alleen een oordeel kan geven over de door de directie genomen beslissingen genoemd in de artikelen 56 of 57 van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden (Bvt).

Ten aanzien van 1.
Nu een beslissing met betrekking tot het verlenen van verlof aan een patiënt niet wordt genoemd in de artikelen 56 of 57 van de BvT en nu verlof als zodanig geen recht betreft als bedoeld in artikel 56 lid 1 sub e BvT (RSJ 9 mei 2005, 05/219/TA) kan de beklagcommissie klager slechts niet-ontvankelijk verklaren in zijn beklag zoals genoemd onder 1.

Ten aanzien van 2.
Krachtens artikel 4.5.6 van de Kliniekregels FPC B is een persoonlijke computer op de kamer van een patiënt niet toegestaan, tenzij door het hoofd behandeling anders is bepaald.
Klager is derhalve geen recht op het bezit van een persoonlijke computer gegarandeerd.
Een beslissing van de directeur van de inrichting ten aanzien van het bezit van een persoonlijke computer is dan ook niet een beslissing als bedoeld in de artikelen 56 of 57 voornoemd.
Derhalve zal de beklagcommissie klager niet-ontvankelijk verklaren in zijn beklag zoals genoemd onder 1.

De beklagcommissie merkt wel op dat zij het voornemen van de directie om de patiënten, die eerder toestemming hebben gekregen om een persoonlijke computer op hun kamer te hebben, enige vorm van compensatie te doen toekomen, correct acht. Dit geldt in het bijzonder voor die patiënten die speciaal voor dit doel een persoonlijke computer hebben aangeschaft.

BESLISSING
De voorzitter van de beklagcommissie verklaart het beklag zowel ten aanzien van punt 1 als ten aanzien van punt 2 niet-ontvankelijk.

Aldus gegeven door de beklagcommissie, mr. […] (voorzitter),  en […] (leden), bijgestaan door mr. […] (secretaris) en ondertekend door de voorzitter en de secretaris, op 14 januari 2010.