Sla inhoud over

Contact ouder en kind

 
Wanneer een ouder wordt gedetineerd, wordt hij of zij in beginsel gescheiden van zijn of haar kind. Het aantal kinderen dat in Nederland wordt gescheiden van een gedetineerde vader wordt geschat op 17.873. De Dienst Justitiële Inrichtingen (hierna: DJI) meldt dat jaarlijks circa 3.000 vrouwen gedetineerd worden, waarvan ongeveer 70 procent moeder is van tenminste één minderjarig kind.[1] In het hiernavolgende wordt een summier beeld geschetst van relevante wet- en regelgeving, achtergronden, organisaties en projecten met betrekking tot het contact tussen kinderen en hun ouders in detentie.

Nationaal kader
Contactmogelijkheden in geval van gescheiden plaatsing
Volgens artikel 38 van de Penitentiaire Beginselenwet (hierna: Pbw) heeft een gedetineerde minstens één uur per week recht op het ontvangen van bezoek. Dit bezoek vindt plaats onder toezicht. Kinderen jonger dan twaalf jaar mogen niet zonder begeleiding van een volwassene op bezoek in de inrichting. De directeur mag eenmaal per maand een bezoek zonder toezicht toestaan. Het wetsartikel zegt niet of dit bezoek ook op kinderen ziet.

Het zogenaamde 'Ouder-Kindbezoek' vindt plaats in een kindvriendelijk ingerichte bezoekruimte. Tijdens dit bezoek worden gedetineerde ouders in de gelegenheid gesteld om activiteiten met hun kinderen te ondernemen.
Gedetineerden en hun kinderen kunnen tevens gebruik maken van een digitale postservice. Via deze service kunnen kinderen (dagelijks) mailtjes sturen naar de penitentiaire inrichting die vervolgens bij de gedetineerde ouder worden bezorgd.[2]

Voor moeders in detentie zijn er ook mogelijkheden om in het weekend bezoek te ontvangen. Elke penitentiaire inrichting voor vrouwen beschikt in de toekomst over de mogelijkheid tot beveiligde video-communicatie voor (extra) periodiek ouder- kindcontact.[3]

Gedetineerden met kinderen tot 9 maanden
In principe verblijven er geen kinderen bij hun ouder in detentie. De huidige praktijk is echter dat kinderen tot negen maanden bij hun moeder in de inrichting mogen verblijven. Daarvoor zijn speciale moeder-kindcellen ingericht. Deze toestemming wordt verleend ongeacht de vraag of de moeder het kind zelf voedt. Een beperking van deze mogelijkheid is volgens de Memorie van Toelichting niet te rechtvaardigen. Bovenstaande heeft ook betrekking op gedetineerden vaders. In het geval van gedetineerde vaders zou gedacht kunnen worden aan de situatie waarin een vader voor detentie al de verzorging van het kind op zich nam. Dit geval lijkt in de praktijk nog niet te zijn voorgekomen.[4]  

Bij een kind ouder dan 9 maanden bestaat het risico dat de detentie schadelijke effecten heeft op de fysieke en verstandelijke ontwikkeling. Daarom is plaatsing in een gesloten setting vanaf die leeftijd in beginsel niet mogelijk. Alleen als er geen andere mogelijkheid tot opvang van de kinderen is, kan de minister van Veiligheid en Justitie inrichtingen of afdelingen aanwijzen waar kinderen onder mogen worden gebracht (art. 12 Pwb). Over de concrete toestemming van de onderbrenging beslist de directeur van de aangewezen inrichting (art. 5 lid 4 Pwb). In de wet is geen maximumleeftijd voor plaatsing neergelegd.[5]

De PI in Ter Peel beschikt over een Moeder Met Kindhuis (MMK). Hier kunnen kinderen tot vier jaar bij hun gedetineerde moeder verblijven. Voorwaarde is dat de gedetineerde moeder in aanmerking komt voor plaatsing in een meer open deel van de gevangenis en waarin zij ook periodiek verlof heeft. Het huis staat op het terrein van de PI en beschikt over huiselijke voorzieningen en een speelruimte. De kinderen verblijven overdag in een kinderdagverblijf in de regio.[6]

Internationaal kader
Ten eerste is in artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (hierna: EVRM) het recht op eerbiediging van privé-,familie- en gezinsleven vastgelegd. Dit betekent dat de overheid een verplichting heeft om een gezins- en familieleven mogelijk te maken. Daarnaast is in artikel 3 van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (hierna: IVRK) neergelegd dat bij alle beslissingen en maatregelen die worden genomen het belang van het kind voorop moet staan. In artikel 9 van het IVRK is vastgelegd dat het kind het recht heeft om niet afgezonderd te worden van zijn ouders, tenzij dat in zijn belang is en de afzondering door een gerechtelijke procedure gebeurt.
Tot slot staan in niet-bindende, gezaghebbende internationale documenten artikelen waarin is vastgelegd dat een gedetineerde recht heeft op het krijgen van bezoek en het onderhouden van contact met familie. Zo benadrukken bijvoorbeeld de artikelen 37 en 92 van de United Nations Minimum Rules of the Treatment of Prisoners dat de gedetineerde de kans moet krijgen contact te leggen met familie en hen te ontmoeten. Toezicht is alleen aanwezig indien dit noodzakelijk wordt geacht.[7]

Achtergronden
Problemen in het gezin
Uit onderzoek is gebleken dat als een ouder gedetineerd wordt, er vaak voor detentie al problemen speelden in een gezin. Dit kunnen verwaarlozing en mishandeling zijn, maar ook werkloosheid, armoede en een antisociale omgeving.[8] Tijdens een detentieperiode kunnen andere risicofactoren ontstaan. Als een ouder gedetineerd wordt, ontstaat een gehele nieuwe situatie voor het gezin. Het wegvallen van een ouder kan schadelijk zijn voor het welzijn van het kind. Het kind kan de ouder missen en schaamte- en schuldgevoelens ervaren. Het kind kan sociaal worden uitgesloten door de omgeving, omdat er negatief gereageerd wordt op het feit dat één van de ouders in detentie zit.[9] Deze factoren kunnen leiden tot probleemgedrag bij het kind. Zo vertonen kinderen met een gedetineerde vader vaker en meer probleemgedrag en delinquent gedrag dan kinderen van vaders die niet gedetineerd zijn.[10]

Relatie met recidive
Indien er voor detentie problemen bestonden met de nu gedetineerde ouder, kan de detentie van een ouder ook een positief effect hebben op de rest van het gezin.[11] In deze context kan het verminderde contact tussen de gedetineerde ouder en het kind een beschermende factor zijn om het risico van recidive te verkleinen. 

De gevolgen van detentie
Hoe groot de gevolgen zijn, is mede afhankelijk van de leeftijd van het kind en de relatie met de ouders. Uit onderzoek is gebleken dat oudere kinderen het contact anders ervaren dan jongere kinderen. Oudere kinderen kunnen rust ervaren als de ouder weg is, met name in het geval van een gedetineerde moeder. Jongere kinderen zijn meer afhankelijk van de ouder en zullen de detentieperiode sneller als negatief ervaren.[12] Bovendien kunnen oudere kinderen de situatie realistischer bekijken en zien de fout van hun ouder heel anders dan de jongere kinderen.[13]
Ook de voorzieningen in de contactmogelijkheden en de regels van de inrichting over het contact tussen ouder en kind spelen een rol. Zo kunnen de negatieve gevolgen van een detentieperiode zowel voor de ouder als voor het kind verkleind worden door het goed onderhouden van contact. Er zijn verschillende factoren die de mogelijkheid tot het goed onderhouden van contact kunnen belemmeren. Zo kan het voor kinderen lastig zijn de penitentiaire inrichting te bereiken, bijvoorbeeld omdat ze geen vervoer hebben.[14] Ook de huisregels kunnen een probleem vormen, zoals de bezoektijden, de duur van het bezoek en het maximaal aantal bezoekers dat naar binnen mag.[15]
Indien er goed contact is, kan de ouder zijn of haar ouderrol vervullen en de band met het kind onderhouden. Gedetineerden hebben bovendien een positiever toekomstbeeld na hun vrijlating als er contact is geweest met het kind. Het contact met de ouder kan voor het kind bijdragen aan een realistisch beeld van de ouder. Bovendien zal de detentieperiode van de ouder beter verwerkt worden door het kind.[16], [17],[18]

Afhouden bezoek kinderen door gedetineerden

Er is een groep gedetineerde ouders die niet wil dat hun kind op bezoek komt, omdat ze hun kind wil behoeden voor bijvoorbeeld het fouilleren en de constante aanwezigheid van toezichthouders.[19] Daarnaast schamen ouders zich vaak voor de situatie. Sommige gedetineerde ouders onderhouden daarom liever contact met hun kind via de telefoon en de post.

Organisaties en projecten
Er zijn veel instellingen die proberen bij te dragen aan een goede relatie en een goed contact tussen de gedetineerde ouder en het kind. Veel van deze instellingen werken met projecten. Een aantal van deze projecten zal hieronder kort worden toegelicht.

Project ‘Gezinsbenadering’
Het project ‘ Gezinsbenadering’ is een pilot waarin de aandacht voor het gezin met een vader in detentie centraal staat. De pilot draait vanaf januari 2017 in Nederland en is afgeleid van de Family Interventions Unit (FIU), die in 2010 in de Parc Prison in Wales is geopend. De FIU is een leefomgeving waar vaders kunnen werken aan hun opvoedvaardigheden en kunnen nadenken over hun vaderrol. In Nederland nemen de PI Leeuwarden en de PI Veenhuizen deel aan dit project. In beide gevangenissen is een familiekamer ingericht waar kinderen in een goede en ontspannen sfeer hun vader kunnen zien. Zo kunnen er spelletjes worden gespeeld, kan er huiswerk worden gemaakt of kunnen de kinderen met hun vader knuffelen.[20]

Betere Start
'Betere Start' is een erkende gedragsinterventie voor vrouwelijke gedetineerden. Het is (groeps)training in opvoedvaardigheden voor moeders van kinderen van 2 tot en met 10 jaar. Het doel is moeders te trainen om gedragsproblemen bij hun kinderen te voorkomen. Moeders volgen de training tijdens hun detentie en worden na detentie nog een aantal keren thuis door de trainers bezocht. Deze training is effectief gebleken. Uit onderzoek blijkt dat de opvoedvaardigheden zijn verbeterd en gedragsproblemen bij de kinderen door de training met circa 25 procent zijn afgenomen.[21]

Children of Prisoners Europe
Children of Prisoners Europe (ook wel: COPE) is een Europees initiatief dat opkomt voor de belangen van kinderen met een gedetineerde ouder.[22] COPE zet zich met haar netwerk van Europese partners in voor het creëren van bewustzijn omtrent dit onderwerp. Ze leiden rechters, scholen, gevangenenbewaarders en kinderbeschermingsinstanties op over de impact van ouders in detentie op kinderen.

Exodus
Exodus, een van de leden van Children of Prisoners Europe, is in meerdere PI’s in Nederland actief met het Ouders, Kinderen en Detentieprogramma (OKD).[23] In de PI’s waar Exodus actief is, wordt in het kader van dit programma een ouder-kinddag aangeboden. Vrijwilligers van Exodus rijden met de kinderen naar de PI’s voor de kindvriendelijke ouder-kinddag met frisdrank en spelletjes.
In 2010 is een overeenkomst afgesloten met de DJI waarin afspraken zijn vastgelegd tussen Exodus en de PI’s. Een van de afspraken is dat iedere inrichting ten minste vier keer per jaar een ouder-kinddag moet organiseren. Dit moet buiten de reguliere bezoektijden om, op woensdagmiddag of in het weekend. Exodus raadt echter aan om één keer per maand een ouder-kinddag te organiseren.
Ook is afgesproken dat de inrichtingen kindvriendelijke veiligheidsmaatregelen moeten nemen en dat de bezoekersruimten kindvriendelijk moeten worden ingericht. Ten slotte moet een medewerker worden aangesteld die als aanspreekpunt fungeert.[24]

Expertisecentrum K I N D
In november 2018 heeft Exodus in samenwerking met de Avans Hogeschool het expertisecentrum K I N D geopend. Dit is een landelijk informatie-, advies- en trainingscentrum voor kinderen en naaste familie van gedetineerden, waar alle kennis op het gebied van kinderen van gedetineerden samenkomt. Kinderen, maar ook hun naaste familie, vrijwilligers, hulpverleners en andere professionals kunnen hier terecht voor advies en trainingen.[25]

Humanitas
Een onderdeel van Humanitas is ‘Gezin in Balans’.[26] Met dit project wordt er geïnvesteerd in het gezin, op welke mogelijke wijze dan ook. Zowel tijdens detentie als daarna kan een gezin begeleid worden door een vrijwilliger. Begeleiding kan bijvoorbeeld door een moeder- of vadermaatje. Tijdens detentie kan een moeder of vader bij deze vrijwilliger terecht met vragen over het ouderschap. Bij thuiskomst kan het maatje een begeleidende rol spelen in het terugkeren in de samenleving. Deze begeleiding duurt ongeveer 1 tot 1,5 jaar.[27] Daarnaast worden er ‘ik jij wij trainingen’ gegeven. Deze trainingen zijn speciaal voor moeders en leren hen hoe ze het moederschap het beste kunnen invullen.[28] Ten slotte begeleiden vrijwilligers van Gezin in Balans ook de ouder-kinddagen. 
 

[1] Dienst Justitiële Inrichtingen, ‘Moeders in Detentie’, dji.nl, geraadpleegd op 12 november 2018.

[2] Dienst Justitiële Inrichtingen, ‘Moeders in Detentie’, dji.nl, geraadpleegd op 12 november 2018.

[3] Dienst Justitiële Inrichtingen, ‘Moeders in Detentie’, dji.nl, geraadpleegd op 12 november 2018.

[4] Kelk, C. & Boone, M. (2015). Nederlands Detentierecht. Deventer: Kluwer, p. 331.

[5] https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-24263-3.html

[6] Dienst Justitiële Inrichtingen, ‘Moeders in Detentie’, dji.nl, geraadpleegd op 12 november 2018

[7] Standard Minimum Rules for the Treatment of Prisoners. First United Nations Congress on the Prevention of Crime and the Treatment of Offenders, 1955: Genève.

[8] Elzinga, M. & Hissel, S. (2010). Kinderen van gedetineerde moeders. Een studie naar het gedrag en welbevinden van kinderen met een moeder in de gevangenis. Tijdschrift voor de Criminologie, 1, 52, p. 38.

[9] Hissel, S., Bijleveld, C. en Kruttschnitt, C. (2011). The well-being of children of incarcerated mothers: An exploratory study for the Netherlands. European Journal of Criminology, 8, 5, p. 349

[10] Reef, J. & Nieuwberta, P. (2016). ‘De persoon van de verdachte vader: Gezinsomstandigheden van Nederlandse verdachte vaders’. Sancties 2016/31, p. 204 en 207.

[11] De Smet, J. (2010). ‘Baby’s van gedetineerden. De ouders aan het woord’. Universiteit Gent, p. 7.

[12] Reef, J. & Nieuwberta, P. (2016). ‘De persoon van de verdachte vader: Gezinsomstandigheden van Nederlandse verdachte vaders’. Sancties 2016/31, p. 207.

[13] Elzinga, M. & Hissel, S. (2010). Kinderen van gedetineerde moeders. Een studie naar het gedrag en welbevinden van kinderen met een moeder in de gevangenis. Tijdschrift voor de Criminologie, 1, 52, p. 39

[14] Uitzending Tros, 1 mei 2012 ‘Je ouders in de lik’. Uitzendinggemist.nl, geraadpleegd op 15 mei 2017.

[15] De Smet, J. (2010). Baby’s van gedetineerden. De ouders aan het woord. Universiteit Gent, p. 14.

[16] Furniere, T. (2010). Vaders in detentie, ook een straf voor het kind?. De Hogeschool West-Vlaanderen, p. 48. en  Reef, J. & Nieuwberta, P. (2016). ‘De persoon van de verdachte vader: Gezinsomstandigheden van Nederlandse verdachte vaders’. Sancties 2016/31, p. 207.

[17] Uitzending Tros, 1 mei 2012 ‘Je ouders in de lik’, Uitzendinggemist.nl, geraadpleegd op 15 mei 2017.

[18] Dienst Justitiële Instellingen, ‘Aandacht voor gezin met een vader in detentie’, Djizien.dji.nl, geraadpleegd op 12 november 2018.

[19] De Smet, J. (2010). Baby’s van gedetineerden. De ouders aan het woord. Universiteit Gent, p. 15.

[20] Dienst Justitiële Inrichtingen, ‘Aandacht voor gezin met een vader in detentie’, Djizien.dji.nl, geraadpleegd op 12 november 2018.

[21] Dienst Justitiële Inrichtingen, ‘Moeders in Detentie’, dji.nl, geraadpleegd op 12 november 2018.

[22] ‘What we do’, Childrenofprisoners.eu, geraadpleegd op 12 november 2018.

[23] ‘Ouders-, Kinderen en Detentieprogramma’, Exodus.nl, geraadpleegd op 12 november 2018.

[24] Samenwerkingsovereenkomst Exodus Nederland en DJI, sector Gevangeniswezen over uitvoering project Ouders Kinderen Detentie, december 2010.

[25] Dienst Justitiële Inrichtingen, Mijn ouder zit in de gevangenis, https://www.dji.nl/pers-media/nieuws/2018/mijn-ouder-zit-in-de-gevangenis.aspx

[26] ‘Gezin in balans’, Humanitas.nl, geraadpleegd op 12 november 2018.

[27] Gezin in Balans, ‘Moedermaatjes’, Humanitas.nl, geraadpleegd op 12 november 2018.

[28] Gezin in Balans, ‘Moedermaatjes’, Humanitas.nl, geraadpleegd op 12 november 2018.