Sla inhoud over

KC 2018/025

Datum uitspraak:
09/08/2018
Artikel:
50 Pbw
Samenvatting:
Klager klaagt over aanhoudende overlast van radiogeluiden. Volgens klager geeft de directie onvoldoende aandacht aan het oplossen van de aanhoudende geluidsoverlast, waar veel meer gedetineerden last van hebben. De directie stelt zich op het standpunt dat het personeel continu wordt opgedragen actief op te treden tegen geluidsoverlast door middel van het aanzeggen van rapporten, wanneer geluidsoverlast blijkt. Tot op heden is geen rapport aangezegd. De beklagcommissie is gebleken dat de directeur in het algemeen inspanningen verricht om geluidsoverlast, veroorzaakt door gedetineerden, te voorkomen en te bestrijden. Hierbij lijken echter weinig afdoende proactieve, preventieve en oplossingsgerichte acties te worden verricht. Nu er, ondanks herhaaldelijke klachten, nog niet of nauwelijks rapporten zijn aangezegd, kan geconcludeerd worden dat het tot op heden door de directeur gevoerde beleid niet volstaat. Het ligt op de weg van de directie om dit beleid aan te passen en andere maatregelen te nemen. Vooralsnog is de beklagcommissie van oordeel dat de directeur, nu het gevoerde beleid geen effect heeft, ondanks opmerkingen van klager hierover, niet voldaan heeft aan de op hem liggende zorgplicht jegens klager.
Uitspraak:

De beklagcommissie van de Commissie van Toezicht bij de P.I. […], locatie […]

 

Uitspraak op het klaagschriften als bedoeld in artikel 60 van de Penitentiaire beginselenwet (hierna: Pbw), ingekomen bij de beklagcommissie op 22 mei 2018 en 3 juli 2018, van de gedetineerde:

 

[…], thans te noemen klager en verblijvende in bovenvermelde inrichting,

 

betreffende: verzorging (diversen).

 

Het verloop van de procedure

De beklagcommissie heeft kennis genomen van de volgende stukken:

  • de klaagschriften;
  • de schriftelijke reactie van de directeur van 29 mei 2018.


Klacht [2] heeft klager kort voor de zitting ingediend. Gelet op de inhoud van deze klacht, heeft de beklagcommissie er, met instemming van klager en de directeur, voor gekozen deze gelijktijdig met eerder ingediende klacht [1] over hetzelfde onderwerp en welke reeds op zitting gepland stond, te behandelen.

 

De mondelinge behandeling van de klaagschriften vond plaats op 12 juli 2018. Daarbij waren aanwezig klager en de directeur […].

De standpunten van partijen

 

Standpunt klager

Samengevat en zakelijk weergegeven, komen de klachten op het volgende neer.

De directeur geeft onvoldoende aandacht aan het oplossen van de aanhoudende overlast van radiogeluiden, waarvan met name de doordringende basgeluiden in een gesloten cel voor onder andere concentratieproblemen en hoofdpijn zorgen. Er is eerder over dit probleem geklaagd, zonder resultaat. De overlast vindt met name plaats na het insluiten van de gedetineerden tijdens de lunchpauze en om 16.45 uur tot 21.00 uur en vindt bijna dagelijks plaats. Met raam en deur van de cel dicht, valt het schreeuwen van medegedetineerden wel mee. De basgeluiden vallen juist mee op het moment dat de celdeur open is, dus tijdens avondrecreatie. Bovendien hoeft klager dan ook niet op zijn cel te blijven. Juist met de deur dicht dreunen de basgeluiden door de muren. Op 9 mei 2018 heeft klager met het afdelingshoofd hierover gesproken. Het afdelingshoofd heeft aan klager gevraagd waar de overlast precies vandaan kwam, maar voor een ingesloten gedetineerde is dit niet te achterhalen. Bovendien wisselen overlast gevende radio’s met enige regelmaat van cel. Niet de gedetineerden, maar de directie moet hiervoor met een oplossing komen. Zo kunnen zij bijvoorbeeld gebruik maken van artikel 50 van de Pbw. Het personeel zegt echter geen rapport aan, omdat er toch niets mee gedaan wordt. Of wellicht kan het gebruik van een koptelefoon verplicht worden gesteld. Ook kan de radio simpelweg in beslag genomen worden na aangeven van een gedetineerde dat er sprake is van overlast. Klager verwacht dat als dat een aantal keren wordt gedaan, het probleem is opgelost. Als klager nu via de intercom belt, is de overlast vaak al gestopt voordat ze bij de ronde komen kijken. Dit is soms twee of drie uur later en kan niet aangemerkt worden als adequaat reageren. Tevens wordt tegen de medegedetineerde waar de overlast vandaan komt gezegd wie er geklaagd heeft, waardoor klager in een conflictsituatie met die medegedetineerde komt. Klager kan een dergelijke situatie wel oplossen, maar dit is de reden waarom gedetineerden niet vaak klagen over de geluidsoverlast. Aan klager zijn geen oordoppen aangeboden.

Standpunt directie

Samengevat en zakelijk weergegeven, komt het standpunt van de directeur op het volgende neer.

Het personeel van de afdeling reageert overdag actief op geluidsoverlast. Klager stelt dat de geluidsoverlast met name tussen 16.45 uur en 21.00 uur wordt waargenomen. Op deze tijdstippen is er geen afdelingspersoneel continu op de afdeling aan het werk. Er is echter een duidelijke instructie uitgegeven aan de avonddienst. De medewerkers van de avonddienst is opgedragen bij geluidsoverlast direct een rapport aan te zeggen. Tot op heden zijn er geen rapporten aangezegd door medewerkers van de avonddienst over geluidsoverlast. De medewerkers constateren kennelijk geen zaken die onverenigbaar zijn met de orde, rust en veiligheid in de inrichting dan wel de ongestoorde tenuitvoerlegging van de vrijheidsbeneming. Dat het soms wat langer duurt alvorens er iemand komt kijken tijdens de avonddienst is te verklaren, want er zijn meerdere gedetineerden en werkzaamheden die aandacht nodig hebben. Anderzijds kan de directeur zich indenken dat de radio’s pas aan gaan zodra het personeel weg is en weer uit zodra er een personeelslid op de afdeling is. Desondanks wordt aan het personeel constant opgedragen op te treden bij geluidsoverlast in welke vorm dan ook.

De beoordeling

Klager heeft reeds geruime tijd last van geluidsoverlast, met name door dreunende basgeluiden, na insluiting. De beklagcommissie is gebleken dat de directeur in het algemeen inspanningen verricht om geluidsoverlast, veroorzaakt door gedetineerden, te voorkomen en te bestrijden. Hierbij lijken echter weinig afdoende proactieve, preventieve en oplossingsgerichte acties te worden verricht. De beklagcommissie is ambtshalve bekend met de vele klachten over geluidsoverlast en de omstandigheid dat deze klachten niet incidenteel zijn. De directie voert als beleid dat er een rapport wordt gegeven indien het personeel geluidsoverlast constateert. Er zijn echter tot op heden geen dan wel nauwelijks rapporten aangezegd, of gedetineerden gesanctioneerd wegens het veroorzaken van geluidsoverlast. Dit lijkt tegenstrijdig te zijn met de herhaaldelijke klachten over geluidsoverlast. Zoals de directeur ook ter zitting heeft aangegeven worden radio’s kennelijk pas aangezet op het niveau van geluidsoverlast, door trillingen van de bas alsmede het geluidsvolume, op die momenten dat er geen personeel op de afdeling aanwezig is. Derhalve kan geconcludeerd worden dat het tot op heden door de directeur gevoerde beleid ten aanzien van geluidsoverlast geen positief resultaat heeft opgeleverd. Het ligt op de weg van de directie om dit beleid aan te passen en andere maatregelen te nemen, zoals klager ook heeft voorgesteld. Vooralsnog is de beklagcommissie van oordeel dat de directeur, nu het gevoerde beleid geen effect heeft, ondanks opmerkingen van klager hierover, niet voldaan heeft aan de op hem liggende zorgplicht jegens klager.


De klachten zijn gegrond.

 

Nu de rechtsgevolgen van de beslissing niet meer ongedaan te maken zijn, zal de beklagcommissie, na de directeur te hebben gehoord, bepalen of enige tegemoetkoming aan klager geboden is.

BESLISSING

De beklagcommissie verklaart de klachten gegrond en zal, na de directeur te hebben gehoord, bepalen of enige tegemoetkoming aan klager geboden is.

 

Aldus gegeven op 9 augustus 2018 door de beklagcommissie, bestaande uit mr. […], voorzitter, […] en mr. […], leden, in tegenwoordigheid van […], secretaris, op 9 augustus 2018.