delen

Sla inhoud over

Urine controle binnen PI's, JJI's en TBS Klinieken.

De in een inrichting verblijvende betrokkene dient, indien de directie dat wenselijk acht, zich een aantal plichten en onderzoeken te laten welgevallen. Een van die onderzoeken betreft de Urine controle (UC).

De hoofdregel omtrent UC is voor iedere groep betrokkenen dezelfde, en zijn allen te vinden in de specifieke regeling van toepassing op die specifieke groep. Voor de jeugdige in een jeugdinrichting is dit art. 35 van de Beginselenwet Justitiële Jeugdinrichtingen (BJJ), voor de personen die verblijven in een TBS kliniek art. 24 van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden (BVT) en voor de overige gedetineerden art. 30 van de Penitentiaire beginselenwet (Pbw). Blijkens de eerste leden van bovenstaande artikelen kan de directeur in drie gevallen de betrokkene verplichten zijn urine af te staan ten einde deze te controleren op gedragsbeïnvloedende middelen. Onder gedragsbeïnvloedende middelen worden niet enkel middelen verboden bij de Opiumwet verstaan, het kan ook gaan om alcohol of medicijnen. In het geval van medicijnen gaat het dan om medicijnen die niet zijn voorgeschreven door de medische dienst.

De gevallen waarin een UC mogelijk is, zijn:
1) Wanneer de directeur dat in het belang acht van de handhaving van de orde of veiligheid in de inrichting.
2) In verband met de beslissing tot plaatsing of overplaatsing.
3) In verband met verlening van het verlof.

Als het gaat om de handhaving van de orde en veiligheid in de inrichting kan dit met zich meebrengen dat er steekproefsgewijs UC wordt afgenomen. De beroepscommissie (nu RSJ) heeft daar ook over geoordeeld. De beroepscommissie overwoog dat er een wettelijke basis bestaat voor het steekproefsgewijs afnemen van UC. Het betreft een controle bevoegdheid en derhalve is er geen vermoeden van schuld vereist.[1]

De afname van urinemonsters[2]
De urine wordt bij voorkeur 's ochtends afgenomen. Reden hiervoor is dat ochtendurine het meest geconcentreerd is en de concentratie van eventueel gebruikte gedragsbeïnvloedende middelen het hoogst is.[3]
Voordat de urine wordt afgenomen dient de reden voor afname te worden medegedeeld aan de betrokkene. Ook dient de procedure te worden uitgelegd. Indien deze uitleg achterwege blijft of ondeugdelijk is en de betrokkene niet meewerkt, kan volgens de beroepscommissie geen bestraffing van dat gedrag plaatsvinden.[4]

Om manipulatie bij de afname tot een minimum te beperken, dient de betrokkene in een daarvoor bestemde ruimte onder direct visueel toezicht te urineren in een daartoe bestemde opvangbeker. Dit visuele toezicht geschiedt door een personeelslid. Volgens de diverse regelingen is niet vereist dat het dient te gaan om twee personeelsleden. Het onderzoek dient wel zo veel mogelijk te worden verricht door personen van hetzelfde geslacht als de betrokkene.[5]
Indien de betrokkene niet in staat is direct urine te produceren krijgt hij nog vier uur de kans om dit wel te doen. De betrokkene blijft wel onder visueel toezicht gedurende die vier uur waarin hij de kans krijgt nog te urineren.
Doordat de privacy van de betrokkene zoveel mogelijk dient te worden gerespecteerd is ook toezicht door middel van spiegels mogelijk. Dit zijn de zogenoemde "one way screens". Indien betrokkene niet in staat is onder bovengenoemde omstandigheden te urineren kan hij ook in de gelegenheid worden gesteld om zonder toezicht in een isolatiecel of andere ruimte zonder toezicht te urineren. Om manipulatie van de test te voorkomen is het volgens de beroepscommissie in een dergelijk geval redelijk dat de betrokkene wordt gefouilleerd en gevisiteerd voorafgaand aan de opsluiting.[6]
Om achteraf te kunnen bepalen of de betrokkene daadwerkelijk vier uur de tijd heeft gehad om te urineren dient in het verslag een aanvangstijd te worden vermeld.

In beginsel is vereist dat ieder bekertje waarin geplast wordt, wordt voorzien van een etiket met gegevens van degene die de urine heeft geproduceerd. Deze eis hoeft enkel niet te worden nageleefd indien het in de inrichting gebruikelijk is dat iedere betrokkene een nieuw bekertje krijgt dat verder door niemand gebruikt gaat worden. De betrokkene dient deze na gebruik weg te gooien. Indien dat door betrokkene geweigerd wordt dient het aanwezige personeelslid dit te doen. De geproduceerde urine dient de betrokkene zelf in de daarvoor bestemde buisjes over te gieten. Deze twee buisjes dient de betrokkene ook zelf af te sluiten. Door het aanwezige personeelslid wordt gecontroleerd of de buisjes goed zijn afgesloten. Indien de buisjes goed dicht zitten dient de betrokkene zelf stickers met een registratienummer of code op de buisjes te plakken. Volgens de Beroepscommissie dient de betrokkene dit ook daadwerkelijk zelf te doen, de taken mogen niet door een personeelslid worden overgenomen.[7]

Uitslag van de UC
Indien de uitslag van de controle bekend is wordt deze, indien de uitslag positief is, aan de betreffende betrokkene medegedeeld.[8] Hierbij wordt de betrokkene meteen gewezen op zijn recht op een herhalingsonderzoek.
De betrokkene krijgt geen inzage in het volledige dossier, enkel de uitslag van de controle wordt hem medegedeeld.[9]

De uitslag van een UC dient altijd geïnterpreteerd te worden door de betreffende laborant. Dit gebeurt door middel van de zogenoemde cut-off waarde. Deze cut-off waarde staat voor een bepaalde standaardwaarde. Indien de hoeveelheid drugs in de urine onder de cut-off waarde blijft heeft dit als resultaat dat de UC uitslag negatief luidt. Ook de precieze waarde wordt dan niet vermeld, men volstaat met de melding dat het een negatieve uitslag betreft. Indien de urine meer drugs bevat dan de cut-off waarde wordt in het op te maken rapport vermeld hoe hoog de waarde was.

In de onderstaande tabel staan de cutt-of waarden voor de diverse verboden middelen:[10]
 

Drug  Cut-off waarde                     
Alcohol 2 mg/g
Amfetamine                       100 ng/mg
Barbituraten 200 ng/mg
Cannabis 25 ng/ml
Cocaïne 300 ng/ml
Methadon 300 ng/ml
Opiaten 300 ng/ml
XTC 500 ng/ml
LSD 0,5 ng/ml


Vals positieve uitslagen
Dat een UC een positieve uitslag heeft, wil niet altijd indiceren dat de betrokkene daadwerkelijk gedragsbeïnvloedende middelen heeft gebruikt. Er zijn verscheidene soorten medicatie en andere stoffen die een vals positieve uitslag weergeven bij een UC. Dat wil zeggen dat de positieve uitslag gevolg is van voorgeschreven medicijn gebruik en niet van het gebruik van gedragsbeïnvloedende middelen. De volgende medicijnen en stoffen geven een vals positieve uitslag:[11]

Naam stof/geneesmiddel Testuitslag
Brompheniramine Amfetaminen
Buflomedil Amfetaminen
Chloroquine Amfetaminen
Chlorpromazine Amfetaminen
Codeïne Opiaten
Dolviran (bevat codeïne en fenobarbital)   Opiaten en barbituraten
Ephedrine Amfetaminen

Fenflumarine, Ponderal, Isomeride
(eetlustremmers)

Amfetaminen
Fetermine (afslankmiddel) Amfetaminen
Isometheptene Amfetaminen
Isoxsuprine Amfetaminen
Labetalol Amfetaminen
Maanzaad Opiaten
Mephentermine Amfetaminen
Mexiletine Amfetaminen
N-acetylprocainamide Amfetaminen  
Nylidrin Amfetaminen
Perazine Amfetaminen
Phentermine Amfetaminen               
Pipamperon (anti psychosen)                     LSD                               
Phenylpropanolamine Amfetaminen               
Prilocaïne (locaal anaestheticum)             LSD
Promethazine Amfetaminen
Propylhexedrine Amfetaminen
Pseudoefedrine Amfetaminen
Quinicrine Amfetaminen
Ranitidine Amfetaminen
Ritodrine Amfetaminen
Seligiline (voor ziekte van Parkinson) Amfetaminen
Talmetin Amfetaminen
Tolmentin Amfetaminen
Trimethobenzamide Amfetaminen


Vals negatieve uitslagen en manipulatie

Naast vals positieve uitslagen zijn er ook vals negatieve uitslagen mogelijk. Dit betreft een negatieve uitslag ondanks dat er drugs zijn gebruikt. Deze vals negatieve resultaten kunnen zijn ontstaan door manipulatie van de UC.
Er zijn drie vormen van manipulatie van de test denkbaar:

- In vivo. Dit zijn middelen die via inname door de betrokkene in het lichaam worden gebruikt. Hierbij kan gedacht worden aan een grote waterinname door de betrokkene die zijn of haar urine verdunt.

- In vitro. Dit zijn middelen die aan de urine worden toegevoegd nadat deze het lichaam heeft verlaten. Dit kan bijvoorbeeld bleekmiddel, chloor of water zijn om de urine te verdunnen.

- Het inleveren van een andere urineachtige stof, bijvoorbeeld citroensap. Ook het inleveren van urine van een ander is denkbaar.

Deze vormen van manipulatie kunnen gelang de vorm van fraude worden gedetecteerd tijdens de controle op het lab:[12]
 

Manipulatie   Effect   Detectie  
In vivo

Veel drinken/extreem veel drinken

Lagere concentratie van de urine

Creatinine gehalte lager dan 2 mmol/l

In vitro

Water toevoegen aan urine

Lagere concentratie van de urine

Creatinine gehalte lager dan 2 mmol/l

Bleekwater, chloor of azijn toevoegen aan urine

Concentratie urine anders

PH-waarde is anders dan bij 'gewone' urine. Tevens wijkt de kleur van de urine af

Urine van een ander Geen drugs Temperatuur van de urine

Urineachtige stof in plaats van urine

Geen drugs Creatininegehalte lager dan 0,4 mmol/l


Herhalingsonderzoek en bevestigingsonderzoek
Indien de uitslag van de UC positief blijkt te zijn heeft de betrokkene recht op zowel een herhalingsonderzoek[13] als een bevestigingsonderzoek[14]. Het herhalingsonderzoek betreft een onderzoek volgens dezelfde of een vergelijkbare methode als bij het aanvankelijke onderzoek. Dit herhalingsonderzoek wordt uitgevoerd op een identiek tweede monster.[15] Indien de betrokkene niet tevreden is over deze uitslag is er ook nog de mogelijkheid een bevestigingsonderzoek aan te vragen. Dit onderzoek is een hernieuwd onderzoek op hetzelfde monster, maar door middel van een andere gevalideerde methode.
Beide onderzoeken worden in eerste instantie betaald door de betrokkene zelf. Indien het herhalingsonderzoek of het bevestigingsonderzoek alsnog een negatieve uitslag op het gebruik van gedragsbeïnvloedende middelen weergeeft worden de kosten van de test aan betrokkene terugbetaald.[16]

Straffen naar aanleiding van een positieve UC of manipulatie
Na aanleiding van een positieve uitslag van de UC of aantoonbare manipulatie doordat het creatinine gehalte lager van 2 mmol/l is, kan er een disciplinaire straf worden opgelegd door de directeur op grond van artikel 8 Rupi, artikel 8 Ruv en artikel 10 Ruj. Indien er een herhalings- of bevestigingsonderzoek door betrokkene is aangevraagd wordt de eventueel opgelegde disciplinaire straf geschorst.[17]
Nu de oplegging van een disciplinaire straf een beslissing van de directeur is conform artikel 60 PBW, staat er beklag open voor de betrokkene. De betrokkene kan dus bij de beklagcommissie van de betreffende inrichting een klaagschrift indienen waarin hij de beslissing van de directeur aanvecht.

Ongeldige redenen voor het hebben van een positieve UC 

Er kunnen door betrokkenen altijd verscheidene redenen worden opgegeven die zouden verklaren waarom er sprake is van een positieve uitslag, zonder dat betrokkenen gedragsbeïnvloedende middelen zou hebben gebruikt en de opgelegde disciplinaire straf hierdoor onterecht zou zijn.

De eerste reden die vaak opgegeven wordt is meeroken. Dit argument is niet meer ondenkbaar sinds het toestaan van meerpersoonscellen en de versobering van de programma's, waardoor de personen langer samen in een kleine ruimte verkeren. Maar, resulteert meeroken ook daadwerkelijk in een positieve UC?
Uit onderzoek blijkt dat dit niet het geval is.[18] Gebleken is dat de concentratie THC van de actieve rokers ongeveer 100 keer zo hoog ligt als die van de passieve rokers. Er dient dus extreem veel te zijn gerookt in een korte tijd om überhaupt kans te kunnen maken dat de UC van de meeroker boven de cutt-off waarde uitstijgt. Gebleken is dat indien er 12 joints in een uur tijd in een afgesloten auto worden gerookt de meeroker pas licht over de cutt-off waarde heen gaat. De kans dat een betrokkene dus een positieve UC heeft door toedoen van meeroken is nihil.

De tweede reden voor een niet-toerekenbare positieve UC is dat betrokkene buiten de inrichting extreem veel gebruikte maar sinds hij in de inrichting is niet meer. Hij gebruikte echter dusdanig veel dat de gedragsbeïnvloedende middelen zijn lichaam nog niet hebben verlaten. Deze uitleg gaat over het algemeen niet op, nu de inrichtingen vaak 28 dagen wachten na binnenkomst voordat de eerste UC wordt afgenomen. Indien iemand een gemiddeld gewicht heeft en regelmatig, dat wil zeggen 1 keer per dag 1 marihuana sigaret, rookt is de stof na maximaal 28 dagen geheel afgebroken door het lichaam.
Ook indien een eerdere UC positief was en na minder dan 28 dagen een UC wordt afgenomen kan de uitslag positief zijn.
De RSJ heeft bepaald, op grond van informatie van het Deltalab, dat het THC-gehalte in urine in principe binnen twee weken negatief behoort te zijn[18a].
Daar wordt echter al door het lab beoordeeld of er sprake is van hergebruik[19] door een vergelijking met de vorige UC uitslag. Hergebruik wil zeggen dat de betrokkene na de eerste positieve UC nog heeft gebruikt waardoor de afbraak van de gedragsbeïnvloedende stoffen langzamer gaat dan wanneer niet meer wordt gebruikt. Dit wordt door het lab aangetoond door de creatinine ratio te berekenen. Indien uit die ratio blijkt dat er niet is hergebruikt maar de uitslag desondanks boven de cutt-of waarde ligt is de conclusie; positief geen hergebruik. Ingeval van een dusdanige conclusie wordt door de directie geen disciplinaire straf opgelegd.
Indien er sprake is van hergebruik luidt de conclusie; positief hergebruik en wordt er doorgaans wel een disciplinaire straf door de directie opgelegd.

De derde reden voor een niet-toerekenbare positieve UC uitslag is grote gewichtsafname. Door de betrokkene wordt dan aangegeven dat in korte tijd veel vetweefsel is afgebroken waardoor de THC opgeslagen in het vetweefsel in één keer vrijkomt. THC is het langst opgeslagen in vetweefsel. Indien de betrokkene extreem zwaarlijvig is en een chronisch gebruiker is, duurt het  tussen de 60 en 90 dagen voordat de THC is afgebroken uit het vetweefsel. Indien men in korte periode veel afvalt komt de THC die 60 tot 90 dagen opgeslagen kan zitten in vetweefsel vrij. In de praktijk komt dit bijna niet voor nu men zeer veel moet afvallen in een korte tijd om boven de cutt-off waarde uit te komen. Immers de THC zit in geval van extreme zwaarlijvigheid maximaal 90 dagen in het vetweefsel.

Tot slot wordt ook wel gesteld dat doordat de betrokkene lijdt aan diabetes zijn stofwisseling zeer traag werkt en het hierdoor langer duurt voordat de gedragsbeïnvloedende middelen uit het lichaam zijn verdwenen. Ook deze uitleg vindt geen steun. Zowel het lab als de medische dienst hebben aangegeven dat het gebruik van medicatie voor de diabetes alsmede het hebben van diabetes niet een dusdanige invloed heeft dat dit een positieve UC kan veroorzaken indien de betrokkene in zijn geheel niet meer heeft gebruikt.

Hieronder is een overzicht opgenomen met de relatie tussen BMI[20], frequentie van gebruik en het aantal dagen die het lichaam dan nodig heeft om de THC af te breken. De gemiddelde halfwaardetijd van THC betreft tussen de 20 en 36 uur. Dit betekent dat de waarde HTC gehalveerd is tussen de 20 en 36 uur.
 

BMI          Duur in dagen Duur in dagen Duur in dagen Duur in dagen Duur in dagen Duur in dagen Duur in dagen
30+ 14-21 21-28 21-28 30-60 60-90 60-90 60-90
25-29 14-21 21-28 21-28 30-60 30-60 30-60 60-90
20-24 7-14 7-14 21-28 21-28 21-28 30-60 60-90
15-19 7-14 7-14 14-21 14-21 21-28 30-60 30-60
10-14 4-7 4-7 4-7 7-14 14-21 21-28 21-28
5-9 1-3 4-7 4-7 7-14 14-21 21-28 21-28
0-4 1-3 1-3 4-7 7-14 7-14 14-21 14-21

Frequentie gebruik

Zelden (1 à 2 keer)

Bij gelegenheid 1-2 per maand

1-2 keer per week

1 keer per dag Meer dan 1 keer per dag Volhardend, meerdere per dag

Chronisch, hele dag door



[1] BrC 20/09/2001 - 01/1093/93/GA.
[2] Art.3 Regeling urineonderzoek verpleegden (Ruv), art.3 Regeling urine onderzoek jeugdigen (Ruj) en art.3 Regeling urinecontrole (Rupi).
[3] Delta Lab, Drugsinformatiemap, p.5.
[4] BrC 29/05/1998- A 97/782.
[5] G. de Jonge en H. Cremers, Bajesboek handboek voor gedetineerden, Breda: papieren tijger 2008, p.223.
[6] BrC 22/04/1999 - A 98/1314.
[7] BrC 13/04/2004 - 04/0305/GA.
[8] Art. 5 Rupi, art. 5 Ruv, art. 7 Ruj.
[9] BrC 11/07/1994 - A 94/190.
[10] Uit de sheets van een presentatie van diagnostiek voor u, gegeven voor de Commissie van Toezicht bij P.I. Nieuwegein d.d. 16 juni 2010.
[11] Uit de sheets van een presentatie van diagnostiek voor u, gegeven voor de Commissie van Toezicht bij P.I. Nieuwegein d.d. 16 juni 2010.
[12] Uit de sheets van een presentatie van diagnostiek voor u, gegeven voor de Commissie van Toezicht bij P.I. Nieuwegein d.d. 16 juni 2010.
[13] Artikel 6 Rupi, artikel 6 Ruv, artikel 7 Ruj.
[14] Artikel 7 Rupi, artikel 7 Ruv, artikel 8 Ruj.
[15] Dit is de reden dat er twee buisjes urine bij betrokkene dienen te worden afgenomen.
[16] Dit is het geval bij TBS patiënten en bij gedetineerden. Bij jeugdigen blijkt dat de directeur kan besluiten dat er maar een deel van de kosten voor rekening van de jeugdige komt. 
[17] Artikel 8 lid 3 RU, artikel 8 lid 3 RUV en artikel 10 RUJ.
[18] J Anal Toxicol, 2005 Oct;29(7):607-15, Uit de sheets van een presentatie van diagnostiek voor u, gegeven voor de Commissie van Toezicht bij P.I. Nieuwegein d.d. 16 juni 2010.
Passive cannabis smoke exposure and oral fluid testing II. Two studies of extreme cannabis smoke exposure in a motor vehicle.
[18a] RSJ 09/07/08, 08/-456/GA
[19] Dit wordt ook wel bijgebruik genoemd.
[20] BMI staat voor body mass index en betreft de verhouding tussen lengte en gewicht (gewicht in kilogram gedeeld door lengte maal lengte in meter).