Methodieken
Youturn algemeen
YOUTURN is een basismethodiek voor alle jongeren die wegens delictgedrag in een justitiële jeugdinrichting (JJI) verblijven. De basismethodiek is erop gericht jongeren te helpen bij:
A) het ontwikkelen van competenties en aanleren van vaardigheden om taken te vervullen, waarvoor zij zich in het dagelijks leven gesteld zien en
B) het ontwikkelen van moreel besef en verantwoordelijk gedrag en elkaar hierbij te helpen.
In YOUTURN zijn twee bestaande methodieken geïntegreerd: het Sociaal Competentiemodel[1] en EQUIP[2]. Hieraan zijn verschillende elementen toegevoegd, zoals trajectgericht werken in samenwerking met ketenpartners, de inzet van gevalideerde screenings- en meetinstrumenten, intensieve samenwerking tussen mentor en jongere en ouderparticipatie. De basismethodiek bestaat uit vijf fasen, waarvan de eerste twee fasen zich richten op instroom, stabilisatie en motivatie van de jongeren. Met YOUTURN wordt beoogd een positieve groepscultuur en een veilig leefklimaat te ontwikkelen. YOUTURN heeft tevens tot doel een hogere mate van professionalisering en landelijk uniformiteit tussen JJI's te bewerkstelligen. In het voorjaar van 2008 is gestart met pilots van YOUTURN en op 1 april 2010 is de basismethodiek in alle JJI's geïmplementeerd.
Youturn uitgewerkt
Met YOUTURN is voor de jeugdigen het leven in de inrichting beter te voorspellen en te overzien. De basismethodiek is ontwikkeld om recidive te voorkomen en criminogene factoren te verminderen.
De methodiek stelt medewerkers binnen de inrichting (groepsleiders, pedagogisch medewerkers en anderen) in staat om allemaal op dezelfde manier met jeugdigen te werken.
Eigen verantwoordelijkheid
In YOUTURN draait alles om het aanleren van eigen verantwoordelijkheid. Medewerkers van de groep en docenten van de school (de trainers) leren jeugdigen omgaan met kwaadheid, lastige morele keuzes en hoe ze zich sociaal vaardig kunnen gedragen. Vervolgens gaan de jeugdigen onder leiding van trainers elkaar helpen om moeilijke situaties op te lossen. Ondertussen krijgen ze op de groep en op school voortdurend feedback op hun gedrag.
Voor de jeugdigen brengt YOUTURN duidelijkheid en continuïteit. Ze weten altijd precies hoe hun dagprogramma eruit ziet en wat er van ze wordt verlangd. Ook bij een eventuele overplaatsing, want alle JJI’s werken volgens dezelfde methodiek: de behandeling wordt gewoon voortgezet en de bejegening is hetzelfde.
Medewerkers
Op de groepen vervullen de medewerkers binnen YOUTURN drie rollen: die van mentor van een jongere, groepsleider en trainer. Een methodiekcoach begeleidt de medewerkers op de groep bij het uitvoeren van YOUTURN. Voor de medewerkers van de JJI’s brengt YOUTURN dus naast duidelijkheid ook afwisseling in het werk, omdat ze verschillende rollen vervullen in onderdelen van de methodiek.
Fasering
YOUTURN bestaat uit vijf fases. De eerste drie fases vinden binnen de inrichting plaats, de laatste twee buiten de inrichting.
De tijd "binnen" een jeugdinrichting wordt zo goed mogelijk benut om het risico van recidive terug te dringen en ter voorbereiding op een geslaagde resocialisatie.
Klik hier om het YOUTURN informatieblad in te zien.
EQUIP
EQUIP als behandelprogramma is bedoeld om jeugdigen van 12 tot 18 jaar met (antisociale) gedragsproblemen en/of delinquent gedrag te motiveren, toe te rusten (‘equiperen’), elkaar te helpen en van elkaar te leren. Doel is dat zij verantwoordelijkheid gaan nemen voor hun eigen denken en handelen. Al vele jaren wordt in alle justitiële jeugdinrichtingen met EQUIP gewerkt.
De doelgroep kenmerkt zich door:
· gebrekkig ontwikkelde sociale vaardigheden;
· sterk vertraagde of afgebroken ontwikkeling op moreelethisch en sociaal-emotioneel gebied;
· cognitieve vervormingen (gekenmerkt door onder meer egocentrisme, bagatelliseren van antisociaal gedrag, uitgaan van vijandige bedoelingen van anderen en anderen de schuld geven van eigen misdragingen) die een negatieve invloed op de agressieregulatie hebben.
Indicatie- en contra-indicatiecriteria
Het EQUIP programma is oorspronkelijk ontwikkeld voor jongens met een normale intelligentie (IQ circa 80 en hoger). Het programma wordt ook toegepast bij antisociale en/of delinquente meisjes en jeugdigen met een licht verstandelijk handicap (IQ tussen 55 en 80) met dezelfde problematiek. Voor gebruik van het programma bij laatstgenoemde doelgroep is de ‘EQUIP LVG-toolkit’ in ontwikkeling.
Contra-indicaties voor het volgen van EQUIP zijn:
1. er is sprake van acute psychiatrische problematiek;
2. de jongere spreekt en verstaat de Nederlandse taal niet;
3. de jongere is groepsongeschikt als gevolg van bijvoorbeeld een aantoonbaar laag intelligentieniveau (< 55) of ernstige psychiatrische problematiek.
Slechts bij uitzondering wordt een jongere uitgesloten van deelname aan het programma. Er zijn jeugdigen met ernstige psychiatrische problematiek bij wie zich een antisociale persoonlijkheidsstoornis aan het ontwikkelen is. Ook jeugdigen met deze zware problematiek hebben ontwikkelingskansen en deze dienen zoveel mogelijk te worden benut. Jeugdigen met deze problematiek worden dan ook alleen uitgesloten van deelname aan EQUIP wanneer zij zich, ook na herhaalde pogingen, niet openstellen voor groepsdruk en beïnvloeding. Slechts in dat geval vallen zij onder de hierboven genoemde contra-indicaties.
Feitelijke uitwerking
In de residentiële setting wordt gewerkt met een EQUIP groep van zes tot negen jeugdigen en twee vaste trainers. Er worden vijf EQUIP bijeenkomsten per week gedaan: drie wederzijdse hulpbijeenkomsten en twee EQUIPing bijeenkomsten. De bijeenkomsten duren één tot anderhalf uur. De EQUIPing bijeenkomsten worden steeds in de volgende volgorde gegeven: omgaan met kwaadheid - sociale vaardigheden - morele keuze.
Het doorlopen van het gehele programma duurt gemiddeld twintig weken. Na maximaal drie maanden vindt er een nieuwe EQUIP cyclus plaats. Tot de start van de volgende cyclus worden de wederzijdse hulpbijeenkomsten (5x per week) voortgezet.
Met EQUIP leren jeugdigen verantwoordelijk te denken en te doen. In de verschillende bijeenkomsten wordt hiervoor de basis gelegd. Het is natuurlijk de bedoeling dat de jeugdigen ook buiten deze bijeenkomsten met het geleerde aan de slag gaan. Om dit te bevorderen is het belangrijk dat niet alleen de EQUIP trainers de ‘EQUIP-taal’ spreken. Alle medewerkers van de instelling, dus bijvoorbeeld ook de conciërge en de directeur, gebruiken een techniek als ‘vragen en niet stellen’ en herkennen wat denkfouten en probleemnamen zijn. Om een positieve groepscultuur bij de jeugdigen te ontwikkelen is het dan ook nodig om binnen de instelling een positieve en verantwoordelijke instellingscultuur te creëren, waar het EQUIP gedachtegoed te allen tijde uitgedragen wordt.
Workwise
Doel
Work-Wise is een traject dat jongens en meiden die geplaatst zijn in een Justitiële Jeugdinrichting op weg helpt naar een passende baan of beroepsopleiding. Work-Wise wordt aangeboden door meerdere JeugdZorgPlus instellingen en alle Justitiële Jeugdinrichtingen in Nederland. Binnen
Work-Wise wordt gewerkt aan school en een opleiding – zowel binnen als buiten de inrichting - en vervolgens met het vinden van een stageplaats en het krijgen en houden van een baan.
Samenwerkende ketenpartners
Een Work-Wise traject staat niet op zichzelf, maar wil juist onderdeel zijn in een samenwerkende keten. Die keten begint al voordat een jongere een inrichting of instelling binnenkomt en eindigt pas lang na afloop. Daarom wordt nauw samengewerkt met ketenpartners als de Raad voor de Kinderbescherming, de (jeugd)reclassering, bureaus jeugdzorg en gemeenten. Ook scholen en werkgevers zijn belangrijke partners in de keten die staat moet zorgen voor succesvolle resocialisatie van de jeugdigen.
Aankomst in de inrichting
Het Work-Wise traject begint voor een jongere al direct na aankomst in de inrichting, maar richt zich met name op de periode later, buiten de inrichting. Straks moet het beter gaan als de jongere weer in samenleving staat. Daar worden de jeugdigen goed op voorbereid en wordt er intensieve begeleiding gegeven. Er wordt meer geleerd dan alleen schoolzaken, namelijk ook op het aanleren van het juiste gedrag. Maar ook het leren om op eigen benen te staan; op een goede manier met vrije tijd omgaan. En het vinden van vrienden, studiegenoten, collega’s waar je echt wat aan hebt. Daarnaast wordt er gewerkt aan de band met de familie en als daarvan sprake is, aan zelfstandig wonen. Work-Wise heeft aandacht voor al dat soort zaken. Maar de sterkste focus ligt op het opleiden naar en het vinden van werk. Het hebben van werk is dan ook cruciaal, omdat werk structuur, status en bovenal zelfvertrouwen biedt.
Eenduidige werkwijze
Het Work-Wise traject is ontwikkeld in samenwerking met alle jeugdinrichtingen in Nederland. Zo wordt er allemaal op dezelfde manier gewerkt en kan ervaring en kennis gebundeld worden. Er wordt gewerkt met één doel: deze jeugdigen met de allerbeste begeleiding alle mogelijkheden geven om succesvol terug te keren in de samenleving.
ITB-er
Het Work-Wise traject kenmerkt zich door ketensamenwerking, een plan op maat voor iedere jongere én door intensieve persoonlijke begeleiding. Iedere Work-Wise jongere krijgt een Individueel Trajectbegeleider (ITB’er) die hem van de eerste tot de laatste dag ondersteunt, coacht en begeleidt. Deze ITB’er is in dienst van de inrichting waar de jongere is geplaatst.
De ITB’er fungeert als spil en motivator bij het kiezen van een studie en vinden van een stage en baan, maar is daarnaast ook sterk bezig met het versterken van de randvoorwaarden. Een goede vrijetijdsbesteding, een stabiel sociaal netwerk voor de jongere en goede woonruimte zijn ook belangrijke factoren om recidive te voorkomen.
Klik hier voor meer informatie over Workwise.
[1] In het Sociaal Competentiemodel staat het versterken van vaardigheden om bepaalde ontwikkelingstaken te volbrengen centraal. Hierbij geven begeleiders gedragsinstructies en feedback op zowel positief als negatief gedrag (Slot & Spanjaard, 2004).
[2] EQUIP is een groepsinterventie waarbij de verantwoordelijkheid vooral bij de jongeren zelf wordt gelegd en naar een positieve leercultuur wordt gestreefd (Gibbs, Potter & Goldstein, 1995). Middels groepsbijeenkomsten (EQUIP) over morele ontwikkeling, omgaan met kwaadheid en sociale vaardigheden krijgen jongeren handvatten om op een constructieve manier te leren denken en doen. In andere groepsbijeenkomsten (TIP) brengen alle jongeren een persoonlijke situatie in, die wordt besproken met behulp van de 5G's (gebeurtenis, gedrag, gevoel, gedachte en gevolg).