Commissie van toezicht
"Bij elke inrichting dan wel afdeling wordt door Onze Minister een commissie van toezicht ingesteld". Zo luidt het eerste lid van artikel 7 van de Penitentiaire beginselenwet (Pbw). Ook de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden (Bvt) en de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen (Bjj) kennen deze bepaling, respectievelijk in de artikelen 10 Bvt en 7 Bjj.
Een commissie van toezicht is zo breed mogelijk samengesteld. Volgens art. 11 lid 3 van de Penitentiaire maatregel maken hiervan in elk geval deel uit: een met rechtspraak belast lid van de rechterlijke macht, een advocaat, een medicus en een deskundige uit de kring van het maatschappelijk werk.
Voor de commissies van toezicht bij de inrichtingen voor ter beschikking gestelden is dit geregeld in artikel 7 lid 3 van het Reglement verpleging ter beschikking gestelden. De laatste twee verplichte disciplines zijn hier vervangen door een psychiater en een gedragsdeskundige met kennis van de intramurale zorg voor geestelijk gestoorden.
Artikel 14 lid 3 van het Reglement justitiële jeugdinrichtingen noemt in plaats hiervan een deskundige op het gebied van de gedragswetenschappen en een deskundige op het gebied van de pedagogische hulpverlening.
Lees meer over de taken van een commissie van toezicht (waaronder die van de beklagcommissie en de maandcommissaris) op de pagina "De taken van een commissie van toezicht".